De historische component van de Zolder Super Prix was aanzienlijk, met optredens van Fast Seventies, de Youngtimer Touring Car Trophy en British HTGT Competition. Het was wel afzien voor de rijders en de auto’s, door de extreem hoge temperaturen.
Fast Seventies bundelde weer de krachten met ETC1300 onder de noemer de ETCC Seventies Revival. Dat leverde een mooi veld van 39 auto’s op. Tegen Daniël Schrey in zijn Porsche was zoals gewoonlijk geen kruid gewassen, maar Cees Lubbers in de BMW 3.0 CSL, Hans de Graaf in de Porsche RSR en ook Jari Kanola in de Plymouth Barracuda GT waren qua tijden aan elkaar gewaagd. Op het podium van race 1 vonden we ze echter niet terug, want na enige “Supercar Madness” met gele en uiteindelijk rode vlaggen mochten daar naast Daniël Schrey namelijk Lex Proper (Porsche RSR) en Freddy van Sprundel (Ford Escort RS1600) plaatsnemen. Jan-Willem Oosterhagen (Ford Escort RS2000) werd als vierde geklasseerd en Jari Kanola was vijfde. De menigte sub-1300 auto’s werd aangevoerd door Enzo Thiefain in zijn Mini, voor Christian Kehr en Marco Keul in VW Polo’s.
Op zaterdagmiddag was de temperatuur verder gestegen, maar ging het er op de baan minder verhit aan toe. Porsche rijders Schrey en de Graaf hadden wat te doen, want zij begonnen achteraan. Het was Lex Proper die de leiding nam, maar al snel afgelost werd door Cees Lubbers. In de negende ronde meldde Daniël Schrey zich aan de kop en was Hans de Graaf opgerukt naar de derde plaats. Vijf ronden later was dat ook de finishvolgorde: Schrey, Lubbers, De Graaf. Geert Boels scoorde een mooie vierde plaats in zijn Lotus 47 en Jan-Willem Oosterhagen was deze keer de beste Escort-rijder op plek 5. De sterk rijdende Thiefain werd zesde algemeen, voor Marnix Dierick en Laurent Hofman in hun Mk. 2 Escorts. Ralf Kremer en Michael Kehr maakten de top-10 vol met hun VW polo’s.
De derde race op zondag kende een kleiner veld, want de ETC 1300 brigade sloeg deze over. Schrey voerde twaalf ronden lang het veld aan, maar moest het toen voor gezien houden. De winst ging zodoende naar Cees Lubbers in de BMW, voor Jari Konola en Lex Proper. Boels werd opnieuw vierde, voor een Escort-treintje met Oosterhagen, Dierick en Hofman. De Mini Clubman 1275 van de familie Span was de eerste sub-1300 aan de finish op plaats 8.
In de British HTGT Competition was er weer een flinke Nederlandse MG inbreng. Het trio Laurence Nesbach (Morgan +), René Grüter (MG B) en Jon Wolfe (MGB GT V8) was net te snel voor de Nederlandse delegatie, maar het was vooral de hitte die huishield: in race 3 was nog slechts de helft van het startveld over. Beste Nederlander in de eerste wedstrijd was Robin Rozema (MGA) op plek 4. In race 2 moesten Grüter en Rozema opgeven, wat Albert van der Wal (MGB) een podiumplek opleverde achter Nesbach en Wolfe. In race 3 probeerde hij dat te herhalen, maar Michael Germann in een Elva Courier Mk1 was hem te snel af en werd derde. Van der Wal werd als vierde afgevlagd.
De YTCC dan, met een voor hun doen bescheiden veld van 31 auto’s. In de eerste race waren Belcar-racers en Zolder-kenners Tom van Eenaeme (Porsche 996 GT3) en Luc Branckaerts (Corvette C4) Daniël Schrey (nu in de Porsche 935 K1) te snel af. In race 2 nam Branckaerts de leiding, maar Van Eenaeme herstelde dat vier ronden voor het einde, zodat het podium weer hetzelfde was. In Race 3 leek het Branckaerts te gaan lukken, maar de Corvette hield het 13 ronden vol en dat was één te weinig. Samuel Benz (TVR Tuscan) mocht zodoende de derde trede van het podium beklimmen, naast vaste gasten Van Eenaeme (eerste) en Schrey (tweede).



