Cees Lubbers was de gedoodverfde favoriet voor de winst in Fast Seventies op Assen. Hij had niets aan het toeval overgelaten, de BMW CSL stond er perfect bij en de coureur straalde zelfvertrouwen uit. In beide kwalificaties reed hij slechts vijf rondjes, voldoende om de pole veilig te stellen, met zo’n anderhalve seconde voorsprong op de nummer twee, Michael Wittke met een 3-liter Porsche RSR.
Toch pakte het in de races anders uit. Op zaterdag werd er gestart op een natte baan. Lubbers nam de leiding, maar op het glibberige asfalt was grip lastig te vinden. Het was Gerd Rijper met zijn Porsche RSR die daar het beste mee overweg kon. Een klein foutje van Lubbers bij het uitkomen van de Strubben was precies waar Rijper op wachtte. Hij accelereerde ervoorbij en wist de leiding langzaam uit te bouwen. Lubbers kwam nu onder vuur te liggen van Wittke, maar ook van de verrassing van de race, Olaf Rost. Deze reuzendoder zette zijn VW Polo er in het complex Haarbocht-Madijk- Ossenbroeken-Strubben elke ronde weer aan de binnenkant naast. Enzo Thiefain is nog zo iemand die met een klein autootje – een Mini in zijn geval – helemaal tot de grens gaat. En soms erover, want hij peerde er in de GT-bocht hard af. Dat had een rode vlag tot gevolg. Met nog zes en een halve minuut te gaan stond het veld in te pits te wachten op de herstart, die echter niet kwam. Een rare beslissing van de wedstrijdleiding, want de bandenstapels waren vlot hersteld. Behalve de rekening voor de vangrail kreeg Thiefain, de veroorzaker van het leed, hierdoor een cadeautje, want hij werd dus gewoon als zevende geklasseerd achter Rijper, Lubbers, Wittke, Rost, Patrick Schott met nog een Porsche RSR en Jan-Willem Oosterhagen met zijn Ford Escort RS2000. Die was de Sjaak, want hij was na een foutje bezig met een mooie inhaalrace en op weg naar het podium.
De race op zondag werd na twee ronden getroffen door een heuse wolkbreuk. Er zat niets anders op dan opnieuw de rode vlag tevoorschijn te halen. Deze keer was er gelukkig wel een herstart. Het was mogelijk om banden te wisselen, maar de gemiddelde Fast Seventies coureur sleutelt zelf en heeft geen pitcrew met een setje regenrubber klaarstaan. De meesten moesten het zodoende met slicks avonturen, alleen Floris Fick’s twee trouwe monteurs haalden een nat pak.
Jan-Willem Oosterhagen leidde van start tot finish in zijn Ford Escort, terwijl om plek twee werd geknokt door Gerd Rijper, Olaf Rost en Kenneth Gregers Petersen met een Datsun 240Z. Een Full Course Yellow lijnde het veld op voor een sprint naar de finish, waarbij Gerd Rijper tweede plaats veiligstelde. Rost en Gregers Petersen liepen tegen een tijdstraf aan, waardoor Frédéric Thiefain en Timo Span met hun Mini’s naar de plaatsen 3 en 4 promoveerden. Floris Fick gebruikte zijn regenbanden goed, want hij reed zijn BMW 2002 van de 28-ste naar de zevende plaats aan de finish.
Volledige uitslagen: https://raceresults.nu/Results/organisator/2026?evenement=TT-Circuit+Assen&race=TABAC+Classic+Grand+Prix


