Volop Nederlands podiumbezoek tijdens Spa Six Hours

Volop Nederlands podiumbezoek tijdens Spa Six Hours

579

Na een jaar van stilte was de Spa Six Hours weer terug op de kalender. De Nederlandse afvaardiging was iets minder royaal dan in vorige jaren, ook aan het bijprogramma, maar de resultaten waren er niet minder om. Diverse Nederlandse deelnemers mochten het podium beklimmen.

Na een jaar van stilte was de Spa Six Hours weer terug op de kalender. De Nederlandse afvaardiging was iets minder royaal dan in vorige jaren, ook aan het bijprogramma, maar de resultaten waren er niet minder om. Diverse Nederlandse deelnemers mochten het podium beklimmen.

Bijna had zelfs het Wilhelmus geklonken, want de Ford Mustang van Erwin van Lieshout, Jac Meeuwissen en Bas Jansen leek regelrecht af te koersen op de zege in de toerwagenklasse. Urenlang hielden ze met redelijke overmacht de koppositie bezet, maar aan het eind begon het er toch om te spannen. De rivaliserende Britse Mustang van CRC had troefkaart Nigel Greensall ingezet en die waagde toch een ultieme poging om in ieder geval tweede te worden.

Greensall ging inderdaad al snel aan de Mustang van Luke Wos/Andy Yool voorbij en richtte daarna zijn vizier op Bas Jansen. Die hield de snelle Brit op afstand, maar dat had wel een prijs: Jansen verbruikte te veel benzine. VA Engineering gaf Jansen het signaal om zuiniger te rijden, maar met Greensall in aantocht kon hij het ook weer niet al te rustig aan doen. Een kwartier voor het einde moest Jansen zich gewonnen geven: toch nog een korte tankstop. Dat schonk de zege aan Greensall en zijn teamgenoten. Zo stond er toch nog wel een Nederlander op het hoogste treetje, want Christiaen van Lanschot had met Chris Milner de eerste stints in de winnende auto gereden. Maar aangezien het CRC-team van Gary Spencer van Britse komaf is, klonk toch (weer) het God Save The Queen…

Minder geluk had DHG Racing met de GT40. Nicky Pastorelli leidde het eerste uur en lag tweede, kort achter Sam Hancock, toen hij naar binnen kwam voor de eerste rijderswissel en tankstop. Bij het tankstation ging het mis: Olivier Hart moest de auto in z’n achteruit zetten en daar was de versnellingsbak niet meer uit te krijgen. Ook de MGB van Jasper Izaks en Sjoerd Peereboom haalde het einde niet. De auto was veruit de snelste MG toen Izaks moest opgeven met een paar voorste wiellagers die zich steeds griezeliger begonnen te gedragen. De TVR Griffith van Kees Selders en zijn Vlaamse teamgenoten was spijtig genoeg zelfs een van de eerste uitvallers.

Ad Verkuijlen en Armand Adriaans bereikten de finish wel. Met hun pas opgebouwde AC Cobra lagen ze op een gegeven moment 17e, maar ook de 23e plaats aan het eind was een zeer verdienstelijk resultaat. Pascal Pandelaar was met de Porsche 911 van Historika een grote kanshebber op een klassezege, zeker omdat hij samen met Andrew Smith een superduo vormde, maar de Porsche moest halverwege afhaken.

In het bijprogramma sprong de derde plaats eruit die Hans Hugenholtz en Nicky Pastorelli wisten te veroveren in de Stirling Moss Trophy. In de Lister ‘Costin’ van Hugenholtz lag Pastorelli lange tijd tweede, maar toen Michael Gans kwam opstomen in zijn Lotus, kon Hugenholtz die niet meer achter zich houden. Het podium stond hij echter niet meer af. Pastorelli racete daarnaast de Ford Capri van DHG en reed daarmee naar een vijfde plaats in de Historic Touring Car Challenge.

Ook Sander van Gils reed naar een derde plaats, maar dan in de CLP-klasse van de Masters Gentlemen Drivers. In zijn Lotus Elan wist hij zich in de goedbezette klasse sterk te manifesteren: alleen de topauto’s van Andrew Haddon en Graham Wilson/David Pittard eindigden voor hem.

Pech was er voor Michel Kuiper, de Nederlander die sinds kort is toegetreden tot de wereld van de Historic Grand Prix Car Association voor GP-auto’s tot 1966. Zijn fraaie Brabham BT4 lag opeens onder het schuim toen een lokale keurmeester zomaar de brandblusser in Kuipers auto activeerde. Het kostte de Nederlander de hele testdag om de Brabham (zo goed als) schoon te krijgen, waarna hij de baantijd miste om tijdens de kwalificatie nog potten te kunnen breken. Kuiper had nog nooit op Spa gereden en kon door de achterstand die hij had opgelopen niet het mooie resultaat (achtste) evenaren dat hij eerder dit jaar op Paul Ricard had neergezet.