SuperSixties verslag vanaf Charade

118

Charade - wat een schitterend circuit!

Aan het einde van de kwalificatie stapte elke coureur met een brede glimlach uit de auto. Na een druilerige ochtend kwam de zon tevoorschijn en verwelkomde het circuit van Charade de SuperSixties-coureurs met droog asfalt, al lag er op sommige plekken wel een beetje olie. Terwijl de meeste coureurs het circuit te leerden kennen, gebruikten Greg Carini in de Cooper S en Luc de Cock in de Lotus Elan hun lokale kennis om bovenaan de tijdlijst te komen. De volgende die op snelheid kwam, was Armand Adriaans in de Shelby Cobra. Later in de sessie zette Andy Newall een tijd van 2:17,5, goed voor de pole, in de Jaguar E-type die hij deelt met Rhea Sautter. Kennet Persson in de Ford GT40 moest door het verkeer op het smalle circuit en de vele gele vlaggen genoegen nemen met de tweede plaats, met een achterstand van 0,7 seconden. Startrij twee werd opgeëist door Adriaans en De Cock, met Roelant de Waard als vijfde in zijn Shelby GT350. Greg Carini en David Barrere hadden een geweldig gevecht in hun Mini's. Ze gebruikten de volledige breedte van het circuit en driftten over vier wielen door de bochten, goed voor de 6e en 7e startplaats, de snelste van alle toerwagens. Peter Brouwer werd 8e in zijn Lotus Elan, terwijl Niek van Gils zijn Lotus als 9e kwalificeerde maar besloot om voor de races over te stappen op zijn MGB. Mark Dols (Marcos 1800) werd 9e en SuperSixties-debutant Malivaï Castelli (Lotus Elan) 10e. Er streed dit weekend een recordaantal van 9 MGB's om de GST11-eer. Brian Lambert was de snelste van allemaal en wist ook de enige Porsche 911 in de klasse, bestuurd door Erwin van Lieshout, voor te blijven. Terugkomend op de toerwagens waren er meer Mini's op de 3e en 4e plaats, Jasper Izaks voor Rob Rappange, met Hemmo Vriend slechts vijfde door een versnellingsbakprobleem. Zijn Ford Falcon zou een nieuwe T10 bak krijgen voor de race. De Lotus Cortina-strijd werd met een klein verschil aangevoerd door Magnus Lillerskog, voor Raffin/Raffin. Zou het Zweden of Frankrijk worden? De grootste pechvogel was Oliver Douglas, die geen tijd kon neerzetten in de Cobra Daytona.

Race 1: een spannende wedstrijd met een verwarrende finish

De SuperSixties-race van zaterdag was erg spannend om naar te kijken. Zozeer zelfs dat de man die het bord met de “laatste ronde” moest tonen werd verrast en de race daardoor een ronde te vroeg eindigde. Tot dat moment was er volop actie. Kennet Persson reed de eerste paar ronden aan de leiding, met Armand Adriaans in de achtervolging. Toen de Ford GT40 een kerbstone raakte, kwam er een stuurkogel los en moest Kennet opgeven, waardoor de leiding overging naar de AC Cobra. Luc de Cock in de Lotus Elan, de Sautter/Newall E-type en Roelant de Waard zaten allemaal in kansrijke positie, hoewel De Waard het verprutste toen hij te laat binnenkwam voor zijn stop. In de laatste paar ronden zat Luc de Cock Adriaans op de hielen, terwijl Andy Newall dichterbij kwam. Het had ieder van hen kunnen zijn, maar het was De Cock die Adriaans net voorbleef toen ze de finishlijn passeerden. Het slechte nieuws voor de Belgische veteraan-racer was dat de wedstrijdleider in de verwarring van de laatste ronde besloot om rode vlag uit te hangen. Daardoor ging men voor de uitslag een ronde terug en op dat moment had Adriaans nog 0,19 seconde voorsprong. Newall/Sautter werden als derde geklasseerd met Peter Brouwer in de Lotus Elan als vierde. Vijfde werd de reuzen-dodende Mini van Greg Carini, die opnieuw een fraai robbertje vocht met David Barrere voordat hij een gaatje kon slaan. Bij de finish werden de twee Mini's gesplitst door Oliver Douglas in de Cobra Daytona, die achteraan was gestart. Hetzelfde gold voor Deenik/Sinke in de Ford Falcon, die naar de 8e plaats waren opgerukt. Roelant de Waard zakte dank zij een draconische straf van 300 seconden naar de 9e plaats in de uitslag. De top-10 werd afgesloten door niemand minder dan Mr Iso Rivolta zelf, Rob Bergmans. Ja, hij heeft een nieuwe racewagen gebouwd en hij ziet er geweldig uit! Hij won ook de invitatieklasse, voor Bernd Horlacher (AH Sebring Sprite) en Frank Weidema (Mini Marcos). In GTS11 nam Erwin van Lieshout het in de eenzame Porsche 911 op tegen maar liefst 9 MGB's. Hij moest Brian Lambert voor laten gaan, terwijl Holger Felske als tweede aan de meet kwam, maar een straf opliep waardoor hij terugviel naar de vierde plaats achter Antoine Darley en Basile Gronfier. Derde in CT07 werd Rob Rappange in de Morris Cooper S, vlak voor Hemmo Vriend in zijn Ford Falcon, die tweede werd in CT10. Zweden won de strijd in de CT08-klasse: Magnus Lillerskog reed een constante race en wist de familie Raffin achter zich te houden. In GTP<2500 ten slotte waren er geen finishers. Zowel Mark Dols in de Marcos 1800 als Nigel Winchester in de Ginetta G4R vielen na 6 ronden uit, wat erg jammer was omdat ze qua rondetijden erg dicht bij elkaar zaten. We zouden tot zondag moeten wachten om te zien wie de snelste was. 

Race 2: Luc's revanche

Luc de Cock compenseerde de teleurstelling van zaterdag met een klinkende overwinning in de tweede SuperSixties-race op Charade. Armand Adriaans leidde vanaf de start in de Shelby Cobra. De Cock zat hem de hele tijd op de hielen en sloeg in ronde 4 toe. Hij bouwde een comfortabele voorsprong op, maar stond vervolgens te lang in pits, zodat hij het weer opnieuw moest doen. Enkele zeer snelle ronden brachten de Cobra al snel weer in zijn vizier. Hij liet er geen gras over groeien en had bij de finish 3 seconden voorsprong. Andy Newall (Jaguar E-type) pakte in de laatste ronde de derde plaats af van Roelant de Waard (Shelby GT350). Peter Brouwer lag aanvankelijk derde in zijn Lotus Elan, maar verloor terrein na een spin. Hij eindigde als zesde achter Oliver Douglas in de Cobra Daytona. Ook Kennet Persson lag een tijdje derde. Gestart vanaf p. 32 verloor hij een zekere podiumplaats toen de gaskabel van zijn Ford GT40 brak. Bart Deenik had een geweldige start in de Ford Falcon en zat vlak achter David Barrere in de Cooper S, maar later in de race zetten de Franse Mini-racers Barrere en Carini de toerwagenklasse opnieuw naar hun hand met een 7e en 8e plaats, Deenik/Sinke eindigden als 9e en Jasper Izaks werd indrukwekkend 10e in zijn geleende Cooper S. Magnus Lillerskog toucheerde zoals velen een tijdstraf voor een te snelle pitstop, maar won toch CT08, voor de andere Lotus Cortina van de gebroeders Raffin. Mark Dols won de kleine GTP-klasse in de Marcos 1800 voor Chas Mallard en Nigel Winchester in de Ginetta G4R. Ze waren alle drie vooral blij dat ze de race hadden uitgereden. Frank Weidema stuurde zijn Mini Marcos naar de overwinning in de invitatieklasse. Tot slot was er volop drama in de zwaarst bevochten klasse, GTS11. Erwin van Lieshout was vastbesloten om de MGB's te verslaan en slaagde er inderdaad in om met zijn Porsche 911 de leiding in de klasse te nemen. Daarbij miste hij echter het pit window. Zijn te late stop werd beloond met de reglementaire straf van 300 seconden, dus al zijn inspanningen waren voor niets geweest. De MGB van Brian Lambert liep een flink gedeukte achterkant op door een ongelukkige uitremmanoeuvre van een andere deelnemer, maar Brian stuurde de auto desondanks naar de klasseoverwinning. Holger Felske reed een foutloze race en werd tweede. De Darley/Gronfier MGB leek goed voor de derde plaats in de klasse totdat de versnellingsbak kapotging. Egbert Kolvoort profiteerde en pakte de trofee voor de derde plaats, met Fabienne Mütschler op een uitstekende vierde plaats in de klasse.

Uitslagen: https://www.supersixtiesracing.com/results/

Meer uitslagen (wel even navigeren nog): https://www.its-results.com/hvm/2024/4c1cbcc0-a6c0-4004-9d02-8857b4de0932

De nieuwtjes uit Charade lees je in SuperSixties Magazine 2024#2: https://www.supersixtiesracing.com/wp-content/uploads/2024/06/SuperSixties-Charade-magazine-V1.pdf

Stand: https://www.supersixtiesracing.com/nl/stand/